Waar de school voor staat

Op onze school is het niet eenvoudig om een strikte scheiding aan te brengen tussen onderwijs en opvoeding.  Voor de ontwikkeling van onze leerlingen is het belangrijk dat wij aandacht besteden aan zowel de leervakken, de zorg/verzorging als aan sociaal-emotionele ontwikkeling.  Daar waar dit nodig is wordt extra aandacht besteed aan de ontwikkeling van de sociale en fysieke zelfredzaamheid.  Vooral bij deze vaardigheden vinden wij heldere en duidelijke afspraken tussen de school en de ouders van groot belang.

Visie

De Mytylschool is een organisatie waar leerlingen en medewerkers hun talent laten groeien en die gekenmerkt wordt door:

  • een collectieve professionaliteit: gezamenlijk zijn we verantwoordelijk voor de kwaliteit van het onderwijs.
  • een open houding naar de samenleving: actief reageren en inspelen op ontwikkelingen in onze omgeving, met als doel verbetering van de kwaliteit van zorg.
  • een ontwikkelingsgerichte benadering: het onderwijs richt zich op het ontwikkelende kind middels het integrale aanbod van onderwijs , onderwijsondersteuning en revalidatiezorg.

Uitgangspunten

Op onze school is het niet eenvoudig om een strikte scheiding aan te brengen tussen onderwijs en opvoeding.  Voor de ontwikkeling van onze leerlingen is het belangrijk dat wij aandacht besteden aan zowel de leervakken, de zorg/verzorging als aan sociaal-emotionele ontwikkeling.

Ondersteuningsprofiel Mytylschool Prins Johan Friso, Haren.

Inleiding

Onze school maakt deel uit van het samenwerkingsverband VO 20.01/20.02. Samen met alle scholen voor voortgezet (speciaal) onderwijs in de gemeenten zorgen we ervoor dat er voor elk kind een passende onderwijsplek beschikbaar is. Op de website van het samenwerkingsverband www.passendonderwijsgroningen.nl staat aangegeven:

  • welke schoolbesturen zijn aangesloten bij het samenwerkingsverband;
  • de ondersteuningsprofielen van de scholen;
  • wat de basisondersteuning is van alle scholen in het SwV.

 

  1. Wie zijn we en welk onderwijsaanbod is er op onze school?

 

Onze school voor speciaal onderwijs (SO/VSO)  is een school waarbij onderwijs en revalidatie geïntegreerd zijn. Het onderwijs wordt afgestemd op individuele ontwikkelingsbehoeften. Wij werken op een ontwikkelingsgerichte manier, op basis van de psychologische basisbehoeften relatie, competentie en autonomie. Het doel is een zo goed mogelijke voorbereiding op een vervolgopleiding dan wel voorbereiding op een zo volwaardig mogelijke integratie in de maatschappij. Wij werken daarin nauw samen met het UMCG, afdeling Revalidatie, afdeling  Beatrixoord  Haren en het Scheper Ziekenhuis, afdeling Revalidatie in Emmen. We zorgen ervoor dat de leerlingen een geïntegreerd aanbod krijgen, die hen optimaal voorbereidt op de 21e eeuw. Dit aanbod kent zowel onderwijs-, als revalidatiedoelen, passend in de ontwikkeling van de leerling, waarbij d.m.v. ICT de computer als prothese kan worden ingezet, wat bijdraagt aan een zo groot mogelijke zelfstandigheid. We zijn een expertisecentrum voor onderwijs, motoriek en zorg op maat voor leerlingen, jongeren met functiebeperkingen en stoornissen in het motorisch functioneren, waar diagnostiek, behandeling, verzorging, begeleiding,onderwijs en toeleiding naar vervolgonderwijs, arbeid of dagbesteding geboden wordt. Op onze school is het niet eenvoudig om een strikte scheiding aan te brengen tussen onderwijs en opvoeding.

Voor de ontwikkeling van onze leerlingen is het belangrijk dat wij aandacht besteden aan zowel de leervakken, de zorg/verzorging als aan sociaal-emotionele ontwikkeling. Daar waar dit nodig is wordt extra aandacht besteed aan de ontwikkeling van de sociale en fysieke zelfredzaamheid. Vooral bij deze vaardigheden vinden wij heldere en duidelijke afspraken tussen de school en de ouders van groot belang. Als motto geldt: zelfstandig waar het kan, ondersteund waar het moet.

 

1.1. Afdeling Speciaal Onderwijs (SO) voor 4- tot en met uiterlijk 14 jaar

 

SOMytyl (profiel 4 en 5)

Op grond van het ontwikkelingsperspectief van de leerlingen van deze afdeling wordt toegewerkt naar niveau eind groep 8 basisonderwijs (profiel 5). De kerndoelen voor het speciaal onderwijs zijn hierbij leidend. Niet voor iedere leerling is het genoemde eindniveau een realistisch perspectief. Voor leerlingen die op basis van cognitie, sociaal-emotionele en/of motorische problematiek niet verwacht mag worden dat zij het eindniveau groep 8 behalen, zijn de MIA-groepen gevormd (profiel 4).  MIA staat voor Meer Individuele Aandacht.

 

SO-MG (profiel 1 t/m 3)

 

Deze afdeling (Tyltyl) wordt bezocht door leerlingen met een meervoudige beperking. Voor de laagfunctionerende leerlingen (IQ <35) van deze afdeling wordt gebruik gemaakt van de Vijfwijzer, een curriculum voor laag-functionerenden (profiel 1).  Er wordt gewerkt aan verschillende domeinen met daarbij behorende ontwikkeldoelen en activiteitenkaarten. De domeinen/leerlijnen zijn: zelfredzaamheid, sensomotorische ontwikkeling, communicatie, spelontwikkeling en sociaal-emotionele ontwikkeling. De betreffende leerlijnen hebben zes niveaus; niveau zes uit deze leerlijnen sluit aan op niveau één van de ZML-leerlijnen.

De werkwijze is om vanuit een assessment multidisciplinair een  perspectief, hoofddoel en werkdoelen vast te stellen. Na een evaluatie worden nieuwe doelen vastgesteld. Het perspectief blijft richtinggevend. De leerlijnen zijn het hulpmiddel om het perspectief inhoud te geven en de ontwikkeling van de leerling te volgen.

Voor de leerlingen die functioneren op zml-niveau wordt gewerkt met de leerlijnen van het zml-onderwijs (profiel 2 en 3).  De kerndoelen voor meervoudig gehandicapte leerlingen zijn hierbij het referentiekader, waarbij rekening wordt gehouden met de uiteenlopende beperkingen en niveaus. Bij het onderwijs aan de Tyltylleerlingen staat de versterking van redzaamheid centraal. Het hebben van zelfvertrouwen en een positief zelfbeeld hangt daarmee nauw samen. De ontwikkeling van de mogelijkheden van zintuigen en motoriek worden gestimuleerd, omdat het een voorwaarde is voor alle leergebieden. Dit gebeurt tijdens de sensomotorieklessen, de zwemlessen, de individuele therapieën en middels paramedische onderwijsondersteuning. Van grote invloed op de emotionele ontwikkeling van onze leerlingen is dat zij in veel gevallen afhankelijk zijn van hun directe omgeving. Het risico bestaat dat de omgeving voor de leerlingen gaat denken en handelen. Om de zelfstandigheid te vergroten is het belangrijk zoveel mogelijk de ‘eigen regiefunctie’ bij leerlingen te ontwikkelen.

Ook de ruimtelijke oriëntatie en mobiliteit is voor veel leerlingen van groot belang; de leerlingen leren zich in de ruimte (binnen en buiten) oriënteren en verplaatsen. Belangrijk daarbij zijn de sensomotorieklessen (gymdocent/logopedist/fysiotherapeut/ergotherapeut) en de adremolessen (oefenen in rijden met een elektrische rolstoel o.l.v. logopedist en ergotherapeut).

 

1.2. Afdeling Voortgezet Speciaal Onderwijs (VSO) voor 12/14- tot 20 jarigen.

 VSO-diplomagericht (profiel 5: vmbo/havo)

Op grond van het ontwikkelingsperspectief van de leerlingen van deze afdeling wordt diplomagericht gewerkt; de mogelijkheid bestaat om de opleiding af te sluiten met een diploma vmbo-basisberoepsgericht, kaderberoepsgericht of theoretische leerweg.

De diplomering van de leerlingen verloopt via symbiose of staatsexamen. Ten behoeve van de vmbo-bb en –kb leerlingen heeft de school een samenwerkingsverband met het Noorderpoort-/Zernike College. De leerlingen gaan voor de praktijkvakken naar het Noorderpoort-/Zernike College. De theorievakken worden bij ons op school gevolgd. De theoretische leerweg wordt volledig op de Mytylschool aangeboden en afgesloten met een staatsexamen. Het staatsexamen geeft de leerling de mogelijkheid, indien nodig, het examen te spreiden over twee jaar. Ook bestaat de mogelijkheid om deelcertificaten te behalen voor de theorievakken van de basisberoepsgerichte en kaderberoepsgerichte leerweg. Met ingang van het schooljaar 2010-2011 is het onderwijsaanbod uitgebreid met de onderbouw van de Havo en vanaf het schooljaar 2011-2012 wordt ook de bovenbouw van de havo aangeboden; dit gebeurt in samenwerking met IVIO@school.

In het laatste jaar van de onderbouw volgen de leerlingen op het Noorderpoort-/Zernike College en het Terra College (Eelde) het vak Praktische Sector Oriëntatie (PSO). Ze maken daarbij kennis met de verschillende sectoren van het vmbo. Op basis van de voornoemde oriëntatie, de cito-adviestoets en een assessment (=revalidatiegeneeskundig onderzoek/beroepskeuze- en motivatieonderzoek/onderzoek naar fysieke vaardigheden en belastbaarheid) wordt de sectorkeuze gemaakt en het examentraject vastgesteld.

Belangrijke leerdoelen zijn o.a. dat de leerling een open en flexibele houding t.o.v. de wereld om hem heen ontwikkelt, mede in het kader van een leven lang leren (leren leren). Andere belangrijke doelen zijn het doelgericht en planmatig werken, meningsvorming, redzaam en weerbaar gedrag, samenwerken, omgaan met eigen gevoelens en wensen en passende afwegingen en keuzes kunnen maken die leiden tot een passend persoonlijk toekomstperspectief, met realiseerbare mogelijkheden en kansen.

De vakvormingsgebieden die worden aangeboden zijn: Nederlands, Engels, Frans, Duits, Wiskunde, Rekenen, Mens en Maatschappij, Mens en Natuur, Kunst en Cultuur, Leerbegeleiding, Informatica en Bewegen en Sport.

Het uitstroomprofiel voor de leerlingen van deze afdeling is veelal vervolgonderwijs richting mbo-of hbo-onderwijs.

VSO-Arbeid (profiel 4)

Dit onderwijs behoort tot het arbeidsmarktgerichte profiel en bereidt leerlingen voor op functies binnen de (regionale) arbeidsmarkt. Binnen het VSO werken de leerlingen, naast theoretische vakken, aan praktische, sociale, communicatieve en creatieve competenties. Door middel van praktijklessen en (interne en externe) stages worden de leerlingen zo goed mogelijk voorbereid op de arbeidsmarkt. Ze bouwen een portfolio op, ontvangen certificaten en verlaten uiteindelijk de school met een getuigschrift. Voor de meeste leerlingen in profiel 4 vormt het VSO het eindonderwijs. Ze gaan werken of krijgen een arbeidsmatige dagbesteding. Sommige leerlingen volgen na het VSO het MBO tot aan het niveau van de assistentenopleiding mbo-1/2

VSO-Dagbesteding (profiel 1 t/m 3)

Leerlingen in dit uitstroomprofiel worden voorbereid om na het vso een plaats te krijgen in een Centrum voor Dagbesteding. De groepen binnen deze afdeling zijn ingericht naar de 3 profielen Dagbesteding van onze school:

Profiel 1: VSO Belevingsgerichte Dagbesteding (Vijfwijzergroep): verzorgende en veilige situatie, waarin zoveel mogelijk kansen en stimulansen tot contact/interactie met de omgeving

Profiel 2:  VSO Activiteitengerichte Dagbesteding (2 groepen): activiteiten gericht op eigen ontwikkeling, oefening en behoud van vaardigheden

Profiel 3: VSO Arbeidsmatige gerichte Dagbesteding (1 groep): werk/taken gericht op productie/resultaat, met beperkte vereisten en werkdruk

(voor meer info over deze profielen www.pjfharen.nl >nieuws en informatie, belangrijke downloads)

Het onderwijs binnen dit uitstroomprofiel richt zich op persoonlijke vorming en competentieontwikkeling rond werk-en dagactiviteiten, wonen, vrije tijdsbesteding en burgerschap.

De leergebiedspecifieke kerndoelen voor het  uitstroomprofiel Dagbesteding zijn met het oog op deze brede doelgroep opgesteld en worden gedurende de gehele periode van het VSO aangeboden en sluiten aan bij de kerndoelen Speciaal Onderwijs (SO) voor Zeer Moeilijk Lerenden en leerlingen met meervoudige beperkingen en zijn in opbouw mede gebaseerd op de kerndoelen uitstroomprofiel VSO Arbeid.

2.Wat bieden we aanvullend op de basisondersteuning? (wat kunnen we?)

 

De huidige kennis en kunde is door de vele disciplines die aan school verbonden zijn groot en specifiek. Te vermelden daarbij is het specifieke aanbod ten behoeve van niet- of nauwelijks sprekende leerlingen, het optimaliseren en geïntegreerd gebruiken van de zintuiglijke en motorische mogelijkheden en het leren omgaan met beperkingen, hulpmiddelen en hulp van anderen.  Het team onderscheidt zich ook door de kennis die er is t.a.v. de sociale emotionele problematiek in relatie tot de beperkingen van de leerlingen. Om deze reden komen soms ook  jongeren vanuit het regulier onderwijs naar hier. De school heeft naast deze expertise ook kleinere groepen en er is meer acceptatie vanuit de doelgroep, lotgenoten. M.n. in de puberteit hebben de leerlingen behoefte aan het delen van hun ervaringen.  Binnen de school worden ze niet “gepamperd” en worden de leerlingen aangesproken op datgene wat de leerlingen zelf (nog) kunnen. De school vindt het belangrijk dat de leerling een reëel en zo positief mogelijk zelfbeeld ontwikkelt waarin hij oog heeft voor zijn mogelijkheden.  In het regulier worden ze soms te veel vertroeteld en ontstaat er daardoor een aangeleerde hulpeloosheid.

 

 

Elke leerling van de school heeft een fysiotherapeut, logopedist en ergotherapeut als behandelaar en/of contactpersoon. Nieuwe leerlingen worden geobserveerd, waarna een rapportage volgt. De paramedici werken onderwijsondersteunend en verzorgen, indien geïndiceerd, ook de revalidatietherapieën.   De leerlingen wordt geleerd om te gaan met de beperkingen die zij in de schoolsituatie ondervinden, eventueel met behulp van aanpassingen. De paramedici van het UMCG revalidatiecentrum Beatrixoord werken als een team intensief samen met elkaar, met leerkrachten en assistentes. Dat betekent dat de paramedici zowel onderwijsondersteuning als revalidatiezorg geven. Optimale afstemming vanuit de principes van 1 kind, 1 plan, 1 team; onderwijs en revalidatie zijn twee belangrijke disciplines in het perspectief van het bereiken van optimale autonomie en maatschappelijke participatie voor het kind.

Ook in Emmen is er middels hetzelfde concept een optimale afstemming tussen onderwijs, onderwijsondersteuning en revalidatiezorg; dit gebeurt in nauwe samenwerking met de kinderrevalidatie van het Scheperziekenhuis.

 

Resumerend:

 

  • het kind staat centraal
  • één kind, één plan, één team
  • onze school voor speciaal onderwijs is een school waarbij onderwijs en revalidatie geïntegreerd zijn. Het onderwijs wordt afgestemd op individuele ontwikkelingsmogelijkheden. Wij werken op een ontwikkelingsgerichte manier, op basis van de psychologische basisbehoeften relatie, competentie en autonomie. Het doel is een zo goed mogelijke voorbereiding op een vervolgopleiding dan wel voorbereiding op een zo volwaardig mogelijke integratie in de maatschappij. Wij werken daarin nauw samen met het UMCG, afdeling Revalidatie,Beatrixoord  Haren en het Scheper Ziekenhuis, afdeling Revalidatie in Emmen. We zorgen ervoor dat de leerlingen een geïntegreerd aanbod krijgen. Dit aanbod kent zowel revalidatiedoelen, als onderwijsdoelen, passend in de ontwikkeling van het kind.
  • functionele therapie gebeurt onder schooltijd
  • het onderwijs dat we bieden aan niet of nauwelijks sprekende kinderen
  • het specifieke aanbod m.b.t. de zintuiglijke en motorische ontwikkeling (judo en survival, eet- en drinkbegeleiding, sensomotoriek, snoezelen)
  • het specifieke aanbod t.a.v. oriënteren en bewegen in de ruimte (rolstoelgebruik, bewegen op muziek)
  • het specifieke aanbod t.a.v. de Activiteiten van het Dagelijks Leven (ADL-training, Adem in Beweging, lopen met hulpmiddelen)
  • een assessment t.a.v. arbeidsparticipatie leerlingen met een motorische beperking

      De leerling wordt door de mytylschool aangemeld bij UMCG, CvR, afdeling       Kinderrevalidatie.

      Planning van het onderzoek.

      Uitvoering van de deelonderzoeken van het assessment:

-Revalidatiegeneeskundig onderzoek: opvragen en bestuderen medische gegevens, anamnese, lichamelijk onderzoek (revalidatiearts). De revalidatiearts besluit na deze intake of de psycholoog en fysiotherapeut ingeschakeld moeten worden.

-Beroepskeuzeonderzoek, bestaande uit een onderzoek naar affiniteiten en een onderzoek naar capaciteiten (psycholoog).

-Onderzoek naar fysieke vaardigheden en belastbaarheid (fysiotherapeut).

-Multidisciplinair overleg tussen revalidatiearts, psycholoog en fysiotherapeut. Hieruit volgt een advies voor scholings- en beroepskeuze.

  • de woontraining
  • de kennis van de sociaal emotionele problematiek in relatie tot de beperking(en) van de leerlingen
  • de kleine groepen waar mee wordt gewerkt
  • acceptatie van en door de lotgenoten
  • trainen en eisen van de vaardigheden die de leerlingen zelf nog kunnen doen. Doen, wat jezelf kunt!  Eigen Initiatief Model. Handicapbeleving;

-reëel en positief zelfbeeld

-eigen inzicht in de handicap

  • uitstroomgerichte scholing en training in het onderwijs
  • tempoaanpassingen in onderwijsaanbod
  • mogelijkheid tot doen van staatsexamen vmbo-t en deelname aan schoolexamen vmbo-bb en kb. 
  • de school is een onderwijsinstituut en werkt opbrengstgericht
  • het aanbod aan de ondergrens leerlingen
  • de korte lijnen
  • het aangepaste bewegingsonderwijs
  • verpleegkundige zorg op maat

 

3.Wat zijn de grenzen aan onze ondersteuning? (wat kunnen we niet?)

 

Een toelaatbaarheidsverklaring is voorwaardelijk voor plaatsing op de Mytylschool. Zonder toelaatbaarheidsverklaring is plaatsing niet mogelijk.

Wanneer een leerling dus met een toelaatbaarheidsverklaring wordt aangemeld bij onze school, vervult de Commissie van Begeleiding een centrale rol bij de start van de begeleiding van de leerling. De commissie verricht handelingsgerichte diagnostiek om te komen tot ontwerp van een goede startrapportage en een helder ontwikkelingsperspectiefplan (OPP). De startrapportage beschrijft een goede, genuanceerde beginsituatie passend bij de individuele leermogelijkheden van de leerling en het te organiseren onderwijsaanbod (incl. de paramedische onderwijsondersteuning) van de school. Voornoemde rapportage is het startpunt voor het doelgericht pedagogisch en didactisch handelen.  Voorts heeft de Commissie een belangrijke rol in de begeleiding en evaluatie van de onderwijsleerprocessen, de multidisciplinaire leerlingbesprekingen en georganiseerde extra zorg voor de leerlingen. De Commissie is ook verantwoordelijk voor de kwaliteit van de leerlingzorg, de onderwijsleerprocessen en de leeropbrengsten. De CvB organiseert hiertoe jaarlijks systematische evaluaties.

De Commissie van Begeleiding bestaat uit:

  • een maatschappelijk werkende
  • een revalidatiearts
  • een psycholoog/orthopedagoog
  • een directielid
  • een jeugdarts
  • een intern begeleider

 

De school is minder geëigend voor een leerling wanneer:

  • De gedragsproblematiek de motorische beperking overstijgt
  • De leerling met LZ- of LG- problematiek emotioneel sterk genoeg is voor plaatsing binnen het regulier onderwijs.
  • de leerling functioneert op vwo-niveau; hiervoor ontbreekt momenteel nog een goed passend onderwijsaanbod
  • Een duidelijke grens t.a.v. de onderkant of bovenkant van het IQ is niet aanwezig.   Er moet altijd wel altijd sprake zijn van een toelaatbaarheidsverklaring, anders mag de leerling niet worden toegelaten.

4. Wat zijn onze ambities
 

Loopbaanoriëntatie en –begeleiding:

Doel: Loopbaanoriëntatie en –begeleiding  waardoor de leerling zicht krijgt op zijn/haar talenten en (on-)mogelijkheden alsmede een beeld van de diverse beroepen, waardoor er uiteindelijk een keuze kan worden gemaakt voor een passende vervolgopleiding.

Acties: implementeren van het vak LOB (apart vak of geïntegreerd in andere vakvormingsgebieden) met planning van activiteiten als informatieavonden m.b.t. sectorkeuze en profielkeuze, uitnodigen gasten (bijv. MBO-karavaan), excursies en het afnemen van testen i.s.m. CvR UMCG

 

Rekenen:

 

Doel: Rekenbeleid welke het team kaders en houvast biedt om een passende aanpak voor Rekenen te bieden voor onze specifieke doelgroep, mede ook met het oog op de rekentoets bij het vmbo- en havo-examen.

Acties:  Opstellen van een rekenbeleidsplan , waarin zowel het opbrengstgericht als het handelingsgericht werken beschreven wordt, met daarbij een specifieke uitwerking voor het onderdeel zorg aan de hand van het Protocol Ernstige Reken-/wiskunde problemen en Dyscalculie (ERWD) en de Passende Perspectieven Rekenen.

Verder professionalisering op het gebied van de doorgaande leerlijnen en rekendidactiek.

 

Sociaal-emotionele ontwikkeling:

 

Doel:  Er is een uitgebreide scoringslijst t.a.v. de sociaal-emotionele ontwikkeling, waardoor de sociaal emotionele ontwikkeling van de leerlingen in kaart worden gebracht, achterstanden gesignaleerd kunnen worden en geanticipeerd kan worden op de te verwachten volgende ontwikkelingsstappen van de leerling.

Acties: implementatie van het werken het de AuReCoOl (VSO-Arbeid en –Dagbesteding) en SEOLL (VSO-diplomagericht).

ICT:

Doel:  Nieuwe ict-ontwikkelingen en innovaties worden , indien van toepassing, ingezet in het onderwijs t.b.v. de onderwijsondersteuning en mogelijk ook als ‘prothese’.

Acties:  Nieuwe  ict-ontwikkelingen in relatie tot onderwijs  registreren en, zo mogelijk, implementeren in het onderwijsconcept.

Analyseren van vorderingen van leerlingen:

Doel: De leerkrachten meten en analyseren de (tussen-)prestaties van de leerlingen en verbinden daaraan, indien nodig, conclusies voor de leerinhoud en vervolgaanpak.

Acties:  teambrede scholing en toepassing bij de tussenevaluaties